De overgang - Go VMBO

De overgang

De voorbereiding op de middelbare school begint al vóór groep 8. Leerkrachten volgen de ontwikkeling en leerresultaten van leerlingen met een leerlingvolgsysteem. Tussentijdse toetsen kunnen daarvan onderdeel zijn. Samen met hun observaties in de klas helpt dit de leerkrachten om in te schatten welk type voortgezet onderwijs bij een leerling past.

Vaak wordt in de leerjaren voor groep 8 al met de leerlingen en zijn ouders gesproken over vormen van voortgezet onderwijs die voor de betreffende leerling geschikt zijn. In de overgang van po naar vo zijn een aantal onderdelen verplicht. Hierna lees je welke.

Naast deze verplichte onderdelen kan een basisschool de advisering rond de overgang van po naar vo zelf vormgeven. Deze kan dus per school verschillen, maar de volgende onderdelen moeten daar altijd deel van uitmaken.

Voorlopig schooladvies

Als leerlingen al meer dan zeven jaar op de basisschool zitten, weten de leerkrachten natuurlijk veel over de leerling en hun leerprestaties. Alle informatie zit in het leerlingvolgsysteem of leerlingdossier. Zo kan de leerkracht goed inschatten welke opleiding geschikt is voor een leerling.

In groep 8, moeten basisscholen aan alle leerlingen in groep 8 een voorlopig schooladvies geven. Dit moeten ze doen tussen 10 en 31 januari, voor de doorstroomtoets wordt afgenomen.

Een schooladvies kan een ‘enkelvoudig advies’ zijn, bijv. vmbo-kb of een ‘meervoudig schooladvies’, bijv. vmbo-tl/havo.

Afnameperiode doorstroomtoets

Leerlingen in groep 8 maken in principe een doorstroomtoets. Dat geldt ook voor het speciaal onderwijs en het speciaal basisonderwijs. Voor bepaalde leerlingen kan het schoolbestuur in overleg met de ouders een uitzondering maken, bijvoorbeeld vanwege hun ontwikkelingsperspectief, een IQ lager dan 75 of onvoldoende beheersing van het Nederlands na maximaal vier jaar in Nederland. De school kan uitleggen welke voorwaarden daarvoor gelden. In 2027 wordt de digitale doorstroomtoets afgenomen tussen 25 januari en 12 februari. De school kiest binnen deze periode een datum in overleg met de toetsaanbieder. De papieren toets vindt plaats op dinsdag 26 en woensdag 27 januari 2027. Als een school de toets zowel digitaal als op papier afneemt, gebeurt dat op 26 en 27 januari.

Elke school kiest zelf welke doorstroomtoets zij gebruikt. Het moet een toets zijn die door het College voor Toetsen en Examens (CvTE) is erkend.

De resultaten van de doorstroomtoets heet het toetsadvies.

Bijstellen van het advies

Na de doorstroomtoets stelt de basisschool het definitieve schooladvies vast. Daarbij kijkt de school naar het voorlopige schooladvies en het toetsadvies. Valt het toetsadvies hoger uit, dan stelt de basisschool het advies in principe naar boven bij. Alleen als dit niet in het belang van de leerling is, mag de school daarvan afwijken. De school moet die beslissing motiveren en bespreken met de leerling en de ouders. Voor leerlingen met een voorlopig advies praktijkonderwijs en een toetsadvies pro/vmbo-bb geldt een uitzondering op de verplichte bijstelling.

Valt het toetsadvies lager uit dan het voorlopig schooladvies, dan wordt het advies niet bijgesteld. De leerling krijgt de kans om in het voortgezet onderwijs te laten zien wat hij of zij kan.

Onderwijskundig rapport

Basisscholen moeten van elke leerling een onderwijskundig rapport maken. Dit rapport geeft een beeld van de leerresultaten en vorderingen, het gedrag, de (sociaal-emotionele) ontwikkeling en de ondersteuningsbehoeften van de leerling. Ook het schooladvies en het advies op basis van de score op de doorstroomtoets (het toetsadvies) maken deel uit van het onderwijskundig rapport.

De basisschool stuurt het onderwijskundig rapport naar de school voor voortgezet onderwijs waar een leerling naar toe gaat. Wanneer ze dat doen bepaald de basisschool samen met de school voor voortgezet onderwijs.

Definitieve schooladvies

Leerlingen en hun ouders ontvangen uiterlijk 24 maart het definitieve schooladvies van de basisschool. Tussen 25 en 31 maart kunnen leerlingen zich dan aanmelden bij de middelbare school (het voortgezet onderwijs).

Schoolkeuze

In de meeste gevallen kiezen leerlingen van de basisschool, samen met hun ouders, een school voor voortgezet onderwijs. Als er in de omgeving waar je woont veel verschillende scholen zijn, is het verstandig al in groep 7 deze scholen te bezoeken tijdens open dagen.